Het leven van een brus

Het leven van een brus zonder vader...




donderdag 1 april 1999

Het gevecht

Denise begon met haar gevecht tegen de kanker. Ze kreeg chemo die uit Amerika werd gehaald. De eerste week verbleef ze in het VU-ziekenhuis in Amsterdam, maar daarna bleef ze lekker thuis. Ik vond het moeilijk om te zien hoe ziek ze daarvan werd. Ik snapte niet waarom ze door medicijnen nog zieker werd, die zouden je toch juist beter moeten maken. Mijn moeder las ons voor uit een boekje die vertelde wat een chemokuur is, "Chemocasper". Dat boekje zou ik nooit vergeten. Nog steeds als ik aan kankercellen denk, zie ik zo'n cel in de vorm van een ster met zo'n gemeen gezichtje, al weet ik nu dat het er helemaal niet zo uit ziet.
Helaas sloeg de chemokuur niet aan. Denise werd doodziek, voor niks eigenijk. De tumor bleef groeien en Denise ging achteruit. Haar oog draaide nog meer weg en haar gezicht verlamde aan één kant. Alles ging ineens moeilijker. Toch was ze sterk, ze wilde nog zo veel. Als een dappere kanjer onderging ze de bestralingen. Ze moest zes weken lang, vijf dagen in de week voor de radiotherapie. De eerste week van de bestraling bleef ze in het ziekenhuis, maar daarna mocht ze iedere dag met de taxi op en neer naar het VU. Ik ben een keer meegeweest met zo'n bestraling. Het verbaasde me hoe snel dat wel niet ging. Ze lag er echt maar een paar minuten onder, met zo'n gek masker op. Langzaam viel haar haar uit op de plaatsen waar de straling haar hoofd binnen drong. Telkens kreeg ze een sticker op haar stickervel en als het velletje vol was, mocht ze iets leuks uitzoeken.
Ik weet nog goed dat ze een keer een knuffeltje voor mij heeft meegebracht. Een eend, met drie kleine eendjes op zijn rug. Ik noemde hem speedy en ik heb hem nog steeds. Ik vond dat echt heel lief van haar.
De bestraling sloeg gelukkig wel aan, de tumor kromp en was zelfs gestopt met groeien. Denise voelde zich beter, de verlamming was over, lopen ging weer goed en ze kon eigenlijk weer net zo veel doen als vroeger. Het was niet bekend wanneer de tumor weer ging groeien, tot die tijd genoten we van alles wat nog kon. Denise heeft nog een keer een operatie aan haar oog gehad, om deze recht te zetten. Dan zag ze er weer normaal uit. Denise werd heel veel nagekeken, door kinderen, maar ook door volwassen. Ze keken niet even, nee, ze staarden net zo lang tot wij weer uit het zicht verdwenen. Verschrikkelijk.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten